de Samaritaan
  • 25 augustus 2025
  • Alfons
  • 1 reactie

Ik hoef hem niet vaak te spreken om te weten dat hij een goed hart heeft. Elke keer als we elkaar zien, grijnzen we naar elkaar. We geven elkaar dan een dikke knuffel en proosten op ons samenzijn!

Hij heeft altijd wel iets te vertellen, maar deze keer had hij zelfs zichzelf verrast. Voor de mens die hem voor het eerst ontmoet, is hij misschien het één of het ander. Er lijkt geen gulden middenweg in die beoordeling. Als je hem echter langer kent, kan het niet anders dat je zijn grote hart door al z’n gedrag heen ziet schijnen.

Hij werkte die ochtend bij een gebouw in Beilen en voor dat gebouw was een grasveldje. Beilen is een dorp, maar ook daar verblijven blijkbaar al daklozen. ‘Al.’ Alsof daklozen een voorbehouden recht voor grote steden zou zijn. Hoe dan ook, tijdens z’n werkzaamheden ‘nestelde’ de man zich op het grasveldje voor een welverdiend tukje.

Aan het einde van de middag, hij was inmiddels vrij en stond voor z’n appartement een peukie te roken. Toen diezelfde man voor hem halt hield. Hij vroeg hem of hij een peukie kon bietsen. Ja die behoefte kon hij zich wel indenken en hij haalde de man een sigaret van binnen. De man bezat zelf vuur om hem in de hens te steken en dat sierde hem. Hij bood het aan voor hij er erg in had – wil je ook wat eten? De man knikte fanatiek, alsof hem geen groter cadeau kon worden geschonken. Waarop hij zichzelf nog eens verbaasde en zei – misschien vind je het ook fijn om een douche te nemen? De man knikte z’n hoofd er zowat vanaf en van binnen zal hij vervuld zijn geraakt – wat een goedheid bezit de mens toch!

Hoewel hij zichzelf had verbaasd, verbaasde het mij ook weer niet. Zo’n groot hart kan niet anders dan geraakt worden.

De leidert
25 augustus 2025 - 07:52

❤️ Ja, zo is ie…